Impairment | Externe verslaggeving | Impairment van activa

Externe verslaggeving

Titel 9 BW 2 & RJ

Impairment

Impairment of bijzondere waardevermindering van de vaste activa is het verschil waarmee de boekwaarde de realiseerbare waarde overschrijdt. Je vindt de regelgeving inzake impairment van vaste activa terug in RJ 121 en titel 9 BW 2 (2:387 lid 4 en 2:387 lid 5).

Advies nodig over impairment neem dan contact op via het contactformulier of 0900-0706 (70 cent per minuut).

2:387 BW

• 1 Waardeverminderingen van activa worden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar in aanmerking genomen.
• 2 Vlottende activa worden gewaardeerd tegen actuele waarde, indien deze op de balansdatum lager is dan de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. De waardering geschiedt tegen een andere lagere waarde, indien het in artikel 362 lid 1 bedoelde inzicht daardoor wordt gediend.
• 3 Bij de waardering van de vaste activa wordt rekening gehouden met een vermindering van hun waarde, indien deze naar verwachting duurzaam is. Bij de waardering van de financiële vaste activa mag in ieder geval met op de balansdatum opgetreden waardevermindering rekening worden gehouden.
• 4 De afboeking overeenkomstig de voorgaande leden wordt, voor zover zij niet krachtens artikel 390 lid 3 aan de herwaarderingsreserve wordt onttrokken, ten laste van de winst- en verliesrekening gebracht. De afboeking wordt ongedaan gemaakt, zodra de waardevermindering heeft opgehouden te bestaan. De afboekingen ingevolge lid 3, alsmede de terugnemingen, worden afzonderlijk in de winst- en verliesrekening of in de toelichting opgenomen.
• 5 De tweede zin van lid 4 geldt niet voor afboekingen van goodwill.

Impairment of bijzondere waardevermindering

Impairment van vaste activa (ook wel bijzondere waardevermindering) is van toepassing ongeacht de waarderingsgrondslag van de activa (verkrijgings- of vervaardigingsprijs, actuele waarde of netto vermogenswaarde). Volgens artikel 7 van het Besluit Actuele Waarde (BAW) kan een actief gewaardeerd worden tegen actuele waarde, door de grondslagen actuele kostprijs, bedrijfswaarde of opbrengstwaarde te hanteren.

 

De impairment heeft betrekking op de materiële vaste activa en de immateriële vaste activa. Er is sprake van bijzondere waardevermindering als de boekwaarde hoger is dan de realiseerbare waarde (RJ 121.201). Er dient per balansdatums vastgesteld te worden of er aanwijzingen zijn dat de realiseerbare waarde lager is dan de boekwaarde (impairment) (RJ 121.202).

RJ 121.203

Bij de beoordeling of zich een bijzondere waardevermindering heeft voorgedaan dient de rechtspersoon in ieder geval de volgende indicaties te betrekken:
Extern:
• a. gedurende de verslagperiode zijn er duidelijke aanwijzingen dat de reële waarde van een actief beduidend meer is gedaald dan verwacht zou mogen worden op basis van het verstrijken van de tijd of normaal gebruik;
• b. belangrijke veranderingen met een nadelig effect op de rechtspersoon hebben zich in de verslagperiode voorgedaan of zullen zich in de nabije toekomst voordoen op het terrein van techniek, markt, economie of wettelijke verplichtingen in de omgeving waarin de rechtspersoon actief is dan wel in de markt waaraan een actief dienstbaar is;
• c. marktrentes of andere marktrentabiliteitseisen op investeringen zijn de afgelopen periode gestegen en beïnvloeden naar verwachting de disconteringsvoet en daarmede in belangrijke mate de realiseerbare waarde; en
• d. de boekwaarde van de netto activa van de rechtspersoon is hoger dan de reële waarde van het uitstaande aandelenkapitaal.
Intern:
• a. er zijn duidelijke aanwijzingen van economische veroudering van of fysieke schade aan een actief;
• b. belangrijke veranderingen met een nadelig effect op de rechtspersoon hebben zich in de verslagperiode voorgedaan of doen zich naar verwachting in de nabije toekomst voor in de mate waarin of de manier waarop een actief wordt gebruikt of naar verwachting zal worden gebruikt. Deze veranderingen omvatten plannen tot beëindiging of herstructurering van de activiteiten waartoe een actief behoort dan wel het afstoten daarvan op een eerdere datum dan verwacht; en
• c. er zijn duidelijke aanwijzingen vanuit interne rapportages die aantonen dat de economische prestaties van een actief beduidend minder zijn of zullen zijn dan verwacht.

Indicaties impairment van vaste activa

Voor de post goodwill is het duidelijk dat er aandacht besteed moet worden aan impairment. Voor vaste activa is dit niet direct duidelijk. Er zijn diverse externe en interne indicaties die mogelijk aanleiding kunnen geven tot een impairment (RJ 121.203). Indien zich indicaties voordoen kan dit een aanwijzing zijn voor het wijzigen van de resterende levensduur, afschrijvingsmethode of restwaarde (RJ 121.206).

Externe indicaties

  • Tijdens de verslagperiode daalt de marktwaarde van het actief (sterker daling dan bij normaal gebruik van het actief).
  • De techniek, markt, economie of wettelijke verplichtingen veranderen dusdanig dat dit een nadelig effect heeft gekregen in de verslagperiode of op korte termijn na de verslagperiode op de betreffende entiteit.
  • Markrentes zijn veranderd waardoor de disconteringsvoet wijzigt en dus de realiseerbare waarde.
  • De boekwaarde van de activa zijn hoger dan de marktwaarde van het uitstaande aandelenkapitaal.

Eén van de externe indicatoren is de wijziging van marktrentes. Er is geen impact op de realiseerbare waarde indien marktrentes gestegen in de volgende twee situaties.

  1. De disconteringsvoet wijzigt niet (significant) en heeft beperkt impact op de bedrijfswaarde.

Als de kortlopende rente bijvoorbeeld wijzigt, dan kan deze wijziging een niet materiële impact hebben op de lange resterende levensduur van een actief.

    1. De disconteringsvoet wijzigt wel (significant) bij het bepalen van de bedrijfswaarde. Echter kunnen andere factoren ook invloed hebben op de bedrijfswaarde.
      1. De realiseerbare waarde wijzigt niet materieel, omdat toekomstige kasstromen ook toenemen.
      2. De realiseerbare waarde daalt wel, maar er is geen sprake van een materiële wijziging van de impairment.

Interne indicaties

Bij de afweging of er sprake is van een bijzondere waardervermindering dienen (tenminste) de onderstaande interne indicaties in overweging genomen te worden.

  • Economische veroudering of beschadiging van het actief.
  • De manier waarop of de mate waarin het actief gebruik zal worden wijzigt drastisch in of kort na de verslagperiode. Bijvoorbeeld door herstructurering of afstoten van het actief door de entiteit.
  • Volgens de interne rapportages blijkt dat het actief economisch minder presteert dan verwacht.

 

Indicatoren vanuit de interne rapportages

Er kan relevante informatie beschikbaar zijn in de interne rapportages. Indicatoren voor een bijzondere waardervermindering in de interne rapportages kunnen zijn:

  • Kosten voor verwerving van het actief of de onderhoudskosten van het actief zijn hoger dan gebudgetteerd.
  • Netto kasstromen of operationele resultaten zijn aanzienlijk slechter dan verwacht of zijn significant teruggevallen.
  • Toename van verwachte toekomstige verliezen.

 

Kasstroomgenererende eenheid

Meer informatie over de kasstroomgenererende eenheid.

Disconteringsvoet

Meer informatie over de disconteringsvoet.

RJ 121.603

Bij het beoordelen of er enige indicatie is dat een in eerdere jaren verantwoord bijzonder waardeverminderingsverlies niet meer bestaat of is afgenomen dient een rechtspersoon rekening te houden met ten minste de volgende indicaties:
Extern:
• a. de reële waarde van het actief is in de afgelopen periode belangrijk gestegen;
• b. belangrijke wijzigingen met een positief effect voor de rechtspersoon hebben zich in de verslagperiode voorgedaan of zullen in de nabije toekomst plaatsvinden op het terrein van techniek, markt, economie of wettelijke verplichtingen in de omgeving waarin de rechtspersoon actief is dan wel in de markt waaraan een actief dienstbaar is; en
• c. marktrentes of andere marktrentabiliteitseisen op investeringen zijn de afgelopen periode gedaald en deze dalingen beïnvloeden naar verwachting de disconteringsvoet en daarmee in belangrijke mate de bedrijfswaarde.

Intern:
• a. belangrijke veranderingen met een voordelig effect op de rechtspersoon hebben zich in de verslagperiode voorgedaan of doen zich naar verwachting in de nabije toekomst voor, in de mate waarin of de wijze waarop het actief wordt gebruikt of naar verwachting zal worden gebruikt. Deze veranderingen omvatten ook in de verslagperiode gedane kapitaaluitgaven ter verbetering of vergroting van de capaciteit van een actief dan wel de verplichting tot het beëindigen of herstructureren van de activiteiten waartoe het actief behoort; en
• b. er zijn duidelijke aanwijzingen vanuit interne rapporteringen dat de economische prestaties van een actief beter zijn of zullen zijn dan verwacht.

Terugnemen van bijzondere waardevermindering

De mogelijkheid vanuit art 2:387 lid 4 bestaat om een bijzondere waardevermindering terug te nemen.

 

2:387 lid 4

De afboeking overeenkomstig de voorgaande leden wordt, voor zover zij niet krachtens artikel 390 lid 3 aan de herwaarderingsreserve wordt onttrokken, ten laste van de winst- en verliesrekening gebracht. De afboeking wordt ongedaan gemaakt, zodra de waardevermindering heeft opgehouden te bestaan. De afboekingen ingevolge lid 3, alsmede de terugnemingen, worden afzonderlijk in de winst- en verliesrekening of in de toelichting opgenomen.

 

Er dient jaarlijks vastgesteld te worden of de verantwoorde bijzondere waardeverminderingen zijn opgehouden te bestaan of verminderd. Indien er een indicatie bestaat wordt de realiseerbare waarde van het actief (of van de kasstroom genererende eenheid) bepaald. Er dient rekening gehouden te worden met de reeds beschreven interne en externe indicatoren of de bijzondere waardevermindering wel of niet van toepassing is (RJ 121.603). De belangrijkste indicatoren zijn:

Extern

  • De reële waarde van een actief is gestegen.
  • Er zijn wijziging in het verslagjaar of op korte termijn, met een positief effect op de rechtspersoon (techniek, wetgeving, markt, economie etc).
  • Marktrentes zijn gedaald en beïnvloeden de disconteringsvoet (en dus bedrijfswaarde).

Intern

  • Het gebruik van het actief is gewijzigd in het verslagjaar of zal op korte termijn wijzigen, zoals een capaciteitsuitbreiding.
  • De interne rapportage geven aan dat de economische prestatie van het actief beter is dan verwacht.

 

De voorgaande indicaties kunnen tot gevolg hebben dat de resterende levensduur, afschrijvingsmethode of restwaarde gewijzigd dient te worden, ook als er geen bijzondere waardeverminderingsverlies wordt teruggenomen (RJ 121.604). Pas als de realiseerbare waarde is gewijzigd wordt de boekwaarde opgehoogd tot de realiseerbare waarde (RJ 121.605). Er wordt geen bijzondere waardevermindering teruggenomen indien de realiseerbare waarde hoger wordt dan de boekwaarde, als gevolg van het verstrijken van de tijd. De bedrijfswaarde kan hoger worden doordat de contante waarde toeneemt naarmate de toekomstige kasstromen dichterbij komen (RJ 121.607).

De rechtspersoon dient te identificeren wat de oorzaak is van de wijzigingen in schattingen die de realiseerbare waarde beïnvloeden (RJ 121.606).

  • niet meer uitgaan van de opbrengstwaarde maar van de bedrijfswaarde en omgekeerd;
  • indien wordt uitgegaan van de bedrijfswaarde: een wijziging in de bedragen of tijdsplanning van de geschatte toekomstige kasstroom of van de disconteringsvoet;
  • indien wordt uitgegaan van de opbrengstwaarde: een verandering van schatting van componenten van deze opbrengstwaarde.

Onderwerpen Impairment

  • Terugneming van een bijzonder waardeverminderingsverlies voor een individueel actief
  • Terugneming van een bijzonder waardeverminderingsverlies voor een kasstroomgenererende eenheid
  • Vergoedingen voor bijzondere waardeverminderingen of verlies van activa

Voor vragen over impairment (bijzondere waardevermindering) neem contact op via het contactformulier of via 0900-0706 (70 cent per minuut).

Auteur:Dirk Braam
Functie:
Opleiding:

Over mij
Mijn naam is Dirk Braam en sinds 2012 werkzaam binnen de controlepraktijk voor het MKB. Momenteel ben ik bezig aan het laatste praktijkstagejaar RA, zodat ik over iets langer dan een jaar werkzaam kan zijn als een beginnend beroepsbeoefenaar registeraccountant.

Login om deze pagina te bewerken.Nog geen account?

Acount aanmaken
Dirk Braam

Dirk Braam

Assistent Accountant Master Accountancy

E-mail Dirk






Dirk Braam

Advies nodig of vragen?

0900 - 0706 (70 cent per minuut)

5,0 rating
5 van de 5 sterren (gebaseerd op 2 beoordelingen)
Laat een beoordeling achter / Bekijk alle beoordelingen

Laat een beoordeling achter